Wat is een veiligheidsbesturing?
Een veiligheidsbesturing is het deel van een machinebesturing dat veiligheidsfuncties bewaakt en aanstuurt. Denk aan een noodstopcircuit, deurvergrendeling, lichtscherm, veiligheidsmat of andere veiligheidssensoren die gevaarlijke bewegingen moeten stoppen of voorkomen. Het doel van een veiligheidsbesturing is dat een machine veilig reageert wanneer een gevaarlijke situatie ontstaat. In veel gevallen bestaat een veiligheidsbesturing uit veiligheidssensoren, een veiligheidsrelais of safety PLC, bekabeling, actuatoren en een duidelijke resetfunctie.
Een veiligheidsbesturing is een belangrijk onderdeel van machineveiligheid. De juiste uitvoering hangt af van de risico’s van de machine, de gekozen veiligheidsfunctie en het vereiste Performance Level. Daarom begint een goede oplossing meestal met een risicobeoordeling.
Wat betekent een veiligheidsbesturing?
Een gewone machinebesturing zorgt ervoor dat een machine doet wat nodig is voor het productieproces. Een veiligheidsbesturing heeft een andere taak: de machine in een veilige toestand brengen wanneer een veiligheidsfunctie wordt aangesproken.
Voorbeelden van veiligheidsfuncties zijn:
- een noodstop die gevaarlijke bewegingen stopt;
- een deurvergrendeling die toegang tot een gevaarlijke zone bewaakt;
- een lichtscherm dat beweging stopt wanneer iemand een zone betreedt;
- een veiligheidsmat die aanwezigheid detecteert;
- een tweehandenbediening bij een pers of vergelijkbare machine;
- een veilige snelheidsbewaking bij onderhoud of instellen;
- een resetfunctie die voorkomt dat een machine onverwacht herstart.
Een veiligheidsbesturing verwerkt signalen van veiligheidssensoren en stuurt daarna bijvoorbeeld motorcontactoren, frequentieregelaars, ventielen of andere aandrijvingen aan. De machine moet daarbij niet alleen stoppen, maar ook op een gecontroleerde en betrouwbare manier veilig blijven.
Een veiligheidsbesturing is dus meer dan een losse noodstopknop. Het is een samenhangend systeem van componenten, logica en veiligheidsfuncties.
Wanneer is een veiligheidsbesturing belangrijk?
Een veiligheidsbesturing is belangrijk wanneer een machine gevaarlijke bewegingen of processen heeft die automatisch moeten worden gestopt, geblokkeerd of bewaakt. Dat komt veel voor bij productielijnen, verpakkingsmachines, robotcellen, transportbanen, persen, zaagmachines en machines met automatische bewegingen.
In de praktijk is een veiligheidsbesturing vaak relevant bij:
- bewegende machinedelen met knel-, plet- of snijgevaar;
- toegang tot gevaarlijke zones via deuren of poorten;
- noodstopvoorzieningen op machines of productielijnen;
- lichtschermen of veiligheidsscanners;
- robotcellen en geautomatiseerde productie;
- onderhouds- of instelmodi;
- samenstellingen van meerdere machines;
- retrofit of modernisering van bestaande machines;
- aanpassingen aan besturingen of machineafscherming.
Ook bij bestaande machines kan een veiligheidsbesturing opnieuw beoordeeld moeten worden. Bijvoorbeeld wanneer een machine wordt uitgebreid, een deur wordt toegevoegd, een noodstopcircuit wordt aangepast of een oude relaisoplossing niet meer past bij de actuele risico’s.
Welke risico’s of eisen spelen mee?
De uitvoering van een veiligheidsbesturing hangt af van de risico’s die beheerst moeten worden. Een eenvoudige machine met één toegangspunt vraagt mogelijk om een andere oplossing dan een complete productielijn met meerdere zones, noodstoppen, deuren en veiligheidssensoren.
Belangrijke aandachtspunten zijn:
- welke gevaarlijke beweging moet worden gestopt;
- hoe snel de machine veilig tot stilstand komt;
- wie toegang heeft tot de gevaarlijke zone;
- hoe vaak de veiligheidsfunctie wordt gebruikt;
- of onverwachte herstart mogelijk is;
- welke resetprocedure nodig is;
- welke foutdetectie vereist is;
- welk Performance Level nodig is;
- hoe de veiligheidsfunctie wordt gevalideerd.
Het Performance Level geeft aan welk betrouwbaarheidsniveau een veiligheidsfunctie moet halen. Dit wordt bepaald op basis van de ernst van mogelijk letsel, de blootstelling aan het gevaar en de mogelijkheid om het gevaar te vermijden. Het benodigde niveau wordt vaak aangeduid als PLr: het vereiste Performance Level.
Afhankelijk van de situatie kan een veiligheidsfunctie worden uitgevoerd met een veiligheidsrelais of safety PLC. Een veiligheidsrelais is vaak geschikt voor eenvoudige functies, zoals een noodstop of enkele deurbeveiliging. Een safety PLC wordt meestal toegepast bij complexere machines of productielijnen met meerdere veiligheidsfuncties, zones en logische voorwaarden.
Laat uw situatie beoordelen wanneer niet duidelijk is welk Performance Level nodig is of welke uitvoering past bij uw machine.
Veiligheidsrelais of safety PLC?
Een veiligheidsrelais is een relatief eenvoudige oplossing voor veiligheidsfuncties. Het bewaakt bijvoorbeeld een noodstopknop, veiligheidsschakelaar of lichtscherm en schakelt de machine veilig af wanneer dat nodig is. Voor eenvoudige machines kan dit praktisch en overzichtelijk zijn.
Een safety PLC is programmeerbaar en geschikt voor complexere toepassingen. Denk aan meerdere noodstopzones, verschillende toegangspunten, veilige snelheid, resetvoorwaarden en koppelingen met machinebesturingen. Een safety PLC kan overzicht bieden wanneer meerdere veiligheidsfuncties met elkaar samenwerken.
De keuze tussen veiligheidsrelais en safety PLC hangt onder andere af van:
- het aantal veiligheidsfuncties;
- de complexiteit van de machine;
- de gewenste diagnosemogelijkheden;
- de benodigde flexibiliteit;
- de vereiste betrouwbaarheid;
- toekomstige uitbreidingen;
- onderhoud en storingsanalyse.
Een safety PLC is niet automatisch beter dan een veiligheidsrelais. De juiste keuze hangt af van de toepassing en de risicobeoordeling.
Praktijkvoorbeeld
Een productiebedrijf heeft een verpakkingslijn met machineafscherming rondom bewegende delen. Operators hebben toegang nodig via twee deuren voor onderhoud en het oplossen van storingen. Daarnaast zijn er noodstopknoppen langs de lijn geplaatst.
In de bestaande situatie zijn de noodstoppen aangesloten op een oud relaiscircuit. De deuren hebben wel schakelaars, maar het is niet duidelijk of deze onderdeel zijn van een gevalideerde veiligheidsfunctie. Bij een storing kan de machine opnieuw starten zodra een deur wordt gesloten en een reset wordt gegeven, terwijl niet altijd zichtbaar is of iemand zich nog in de gevaarlijke zone bevindt.
Een beoordeling laat zien welke veiligheidsfuncties nodig zijn. Mogelijke maatregelen zijn deurvergrendeling met veiligheidsschakelaars, een duidelijk noodstopcircuit, veilige reset op een goed zichtbare positie en een safety PLC die de verschillende zones bewaakt. Daarna moet worden gecontroleerd of de veiligheidsfuncties in de praktijk correct werken.
Dit voorbeeld laat zien dat veiligheidsbesturingen niet alleen elektrisch moeten kloppen. Ze moeten ook passen bij het gebruik, de toegang, de risico’s en het onderhoud van de machine.
Checklist: waar let u op bij een veiligheidsbesturing?
1. Bepaal de veiligheidsfuncties
Leg vast welke functies nodig zijn. Denk aan noodstop, deurbeveiliging, lichtscherm, veilige snelheid, veiligheidsmat of zonebewaking.
2. Voer een risicobeoordeling uit
Bepaal welke risico’s aanwezig zijn en welke veiligheidsfunctie nodig is om het risico te beperken.
3. Bepaal het vereiste Performance Level
Stel per veiligheidsfunctie vast welk betrouwbaarheidsniveau nodig is. Dit voorkomt dat een functie te licht of onnodig zwaar wordt uitgevoerd.
4. Kies de juiste componenten
Selecteer passende veiligheidssensoren, veiligheidsrelais, safety PLC’s, contactoren, ventielen of aandrijfcomponenten.
5. Denk aan reset en herstart
Een machine mag niet onverwacht opnieuw starten. Reset moet bewust gebeuren en passen bij de zichtbaarheid van de gevaarlijke zone.
6. Controleer de stopfunctie
Beoordeel of de machine snel en betrouwbaar genoeg tot een veilige toestand komt. Houd rekening met nalooptijd en toegang tot bewegende delen.
7. Documenteer de oplossing
Leg schema’s, componenten, instellingen, berekeningen en testresultaten vast. Dit is belangrijk voor onderhoud, wijzigingen en eventuele CE-gerelateerde documentatie.
8. Valideer de veiligheidsfunctie
Controleer of de veiligheidsbesturing in de praktijk doet wat is bedoeld. Test bijvoorbeeld noodstoppen, deuren, lichtschermen, reset en foutdetectie.
Hoe helpt Promasafe?
Promasafe helpt bedrijven met het beoordelen, ontwerpen en toepassen van veiligheidsbesturingen voor machines en productielijnen. Daarbij wordt gekeken naar de risico’s, veiligheidsfuncties, Performance Level, componentkeuze en praktische werking op de werkvloer.
Promasafe ondersteunt onder andere bij:
- risicobeoordeling van machines;
- bepalen van veiligheidsfuncties;
- keuze tussen veiligheidsrelais en safety PLC;
- toepassing van veiligheidssensoren;
- ontwerp van noodstopcircuits;
- engineering van veiligheidsbesturingen;
- ondersteuning bij Performance Level;
- validatie van veiligheidsfuncties;
- koppeling met machineafscherming;
- praktische uitvoering en montage.
Zo krijgt u een veiligheidsbesturing die technisch onderbouwd is en aansluit op het dagelijks gebruik van uw machine of productielijn.
FAQ’s
Wat doet een veiligheidsbesturing?
Een veiligheidsbesturing bewaakt veiligheidsfuncties van een machine. Wanneer bijvoorbeeld een noodstop wordt ingedrukt, een deur wordt geopend of een lichtscherm wordt onderbroken, brengt de veiligheidsbesturing de machine in een veilige toestand.
Wat is het verschil tussen een veiligheidsrelais en een safety PLC?
Een veiligheidsrelais is vaak geschikt voor eenvoudige veiligheidsfuncties. Een safety PLC is programmeerbaar en wordt meestal toegepast bij complexere machines of productielijnen met meerdere zones, sensoren en veiligheidsfuncties.
Is een noodstop ook een veiligheidsbesturing?
Een noodstopknop is een onderdeel van een veiligheidsfunctie. De volledige veiligheidsbesturing bestaat uit de noodstopknop, bekabeling, logica, schakelcomponenten, reset en de manier waarop de machine veilig stopt.
Wanneer is een safety PLC nodig?
Een safety PLC kan nodig zijn bij complexere machines, meerdere veiligheidszones, meerdere toegangspunten, uitgebreide diagnose of toekomstige uitbreidingen. De keuze hangt af van de risico’s en de gewenste veiligheidsfuncties.
Wat betekent Performance Level bij veiligheidsbesturingen?
Performance Level geeft aan hoe betrouwbaar een veiligheidsfunctie moet zijn. Het vereiste niveau wordt bepaald op basis van de risico’s van de machine en de kans op gevaarlijke situaties.
Moet een veiligheidsbesturing worden getest?
Ja, in veel situaties is testen en valideren belangrijk. Daarmee controleert u of de veiligheidsfunctie in de praktijk correct werkt, bijvoorbeeld bij noodstop, deurbeveiliging, reset en foutdetectie.


